Net voor hij met pensioen vertrekt, mag VRT-hoofdredacteur Jos Bouveroux zich nog eens uitleven met het thema dat zijn hele journalistieke carrière heeft beheerst: de staatshervorming. In de aanloop naar de verkiezingen maakt hij een televisiereeks over de communautaire geschiedenis. Emeritus-hoogleraar Luc Huyse zorgde voor wetenschappelijk advies bij de serie en schreef er samen met Bouveroux een boek over.

‘Als ik de eerste aflevering van de televisieserie zie, over de jaren vijftig en zestig’, zegt Luc Huyse, ‘valt mij toch op hoe grootschalig het protest toen wel was. Vele tienduizenden mensen kwamen op straat. Dat is wat anders dan die paar duizend aanwezigen op de IJzerbedevaart tegenwoordig. Dat relativeert toch wat je vandaag meemaakt.’

‘Nu hoor je dat niets nog werkt, maar dat zullen de politici in de jaren vijftig en zestig wel honderd keer hebben gedacht. Het is een kwestie van perceptie. Het idee van de totale impasse wordt sterk door de media uitgedragen, ook omdat veel mensen in de media, zeker de audiovisuele, zeer kort van geheugen zijn. Het minste incident vinden ze al historisch. Ik hoop dat deze serie hen wakker schudt.’

‘Het grote verschil is dat je toen te maken had met een gepassioneerde bevolking, en een politieke klasse waarvan een deel zich op tijd en stond uit het gewoel terugtrok om een compromis te maken. Nu heb je het omgekeerde: een politieke klasse die zich zeer gepassioneerd toont, met daartegenover een zeer passieve, om niet te zeggen apathische bevolking. En dan verloopt de crisis helemaal anders.’

Is het passie of louter machtsdrang die voor radicaliteit zorgt in een deel van de Vlaamse politiek?

‘Het effect ervan is in alle geval een realiteit. Men beseft niet wat dat uitricht, zowel bij de bevolking als op de productiviteit van het systeem. Je merkt het ook in de media. Toen Inge Vervotte ontslag nam, stond er vooraan in uw krant: “Bloedbad in CD&V,. Hebt u onlangs dan nog bloed gezien?’

Veel Vlaamse politici gaan ervan uit dat de bevolking wel degelijk is geradicaliseerd door de crisis, maar dat blijkt nergens uit wetenschappelijk onderzoek.

‘Wat CD&V betreft, heeft dat alles te maken met de toeloop van kiezers op 10 juni 2007. Men heeft mij er nooit van kunnen overtuigen dat dit van meet af aan in de campagne van CD&V zat. Ik vraag me af of dat echt wel allemaal kiezers waren die wilden dat BHV meteen werd gesplitst enzovoorts. Is dat niet een kunstmatige interpretatie die men er achteraf aan gegeven heeft, en waarin de partijleiding voortdurend werd bevestigd door sommige radicalen in haar omgeving?’

‘Machtsdrang is van alle tijden. Wat mij nog het meest verwondert, is dat politici met al die tactische streken, al die stampen onder de tafel, streven naar een pakketje macht dat op het federale niveau sinds 1960 onnoemelijk veel kleiner is geworden. De honger lijkt overweldigend, maar reikt niet verder meer dan tot het aperitief.’

Het zal bij borrelnootjes blijven?

‘Inderdaad (lacht). En misschien komt dat wel doordat politici gingen beseffen, zonder dat publiek uit te spreken, dat de tak waarop ze zitten heel dun is geworden. Als in een samenleving voedseltekort heerst, wordt hard gevochten om de kruimels.’

U verwijt de politiek een gebrek aan transparantie: politici roepen de kiezers op tot radicaliteit, maar ze zeggen er nooit bij wat ze dan concreet willen.

‘Tussen 1970 en 1993 had men zeker aan Vlaamse kant een duidelijk bouwplan, een project: het Autonomiemanifest van de CVP-jongeren. Dat was een echte politieke gps en er zat meteen al een Europese dimensie in, wat heel belangrijk was. Sinds 1993 is dat weg. Mensen als Wilfried Martens en Jean-Luc Dehaene, die dat project hebben gedragen, werden aan slijtage onderhevig. Sindsdien is er alleen mist. Deels is die mist gemakshalve geproduceerd. Maar men weet ook echt niet meer waar men precies heen wil – behalve de separatisten dan.’

Maar zelfs zij kunnen niet zeggen wat ze bijvoorbeeld met Brussel moeten doen.

‘En ze weten vooral niet wat de kostprijs is. Niet alleen zeggen ze niet welk Vlaanderen ze willen, ze verzuimen bewust om een kosten-batenanalyse te maken. Ik ben ervan overtuigd dat de kostprijs van een scheiding zeer hoog zal zijn. Ik heb kaarten gezien waarop volgens een tiental parameters stond uitgetekend hoe groot de uitstraling van Brussel is: dat is een derde van België. Begin dat maar eens te splitsen en opnieuw op te bouwen. Dat is niet zomaar een wratje wegsnijden, dat is een derde van de organen wegnemen.’

‘Men blijft ook maar verkiezingsbeloften doen die onmogelijk uit te voeren zijn. Zoals de N-VA nu: “afrit Vlaanderen, exit crisis,. Je moet toch maar durven. Net nu de mondiale impact op de crisis voor iedereen duidelijk wordt, stelt deze partij: als je onze afrit neemt, dan zullen al die problemen verdampen. Dat is zo’n voorbeeld van die mist.’

Hoe komt het dat het zo moeilijk is om een communautair compromis te sluiten?

‘De feitelijke oorzaak daarvoor is het verdwijnen van netwerken die de taalgrens overstijgen. De staatshervorming was tot nu toe het werk van mensen die hun politieke socialisering binnen die unitaire netwerken hadden gekregen. En ze bleven die gebruiken. Dat dit nu niet meer het geval is, maakt het veel moeilijker om compromissen te sluiten: het duurt maanden vooraleer men elkaar begint te begrijpen.’

‘En we moeten ook niet te ongeduldig zijn. Het Schoolpact van 1958 had een aanloop van veertig jaar. Hoe lang duurde het niet vooraleer Guy Verhofstadt afraakte van zijn angst voor het compromis? Compromisbereidheid moet rijpen. Misschien moeten we wat meer geduld hebben met de generatie van Yves Leterme, die overigens ook niet de gang door de instellingen heeft doorgemaakt, waar ze had kunnen leren wat het belang van een compromis is.’

Er wordt wel eens beweerd dat de kwaliteit van de huidige generatie politici te wensen over laat en dat daarom veteranen als Dehaene, Martens of Herman Van Rompuy weer van stal worden gehaald.

‘Ik zal daar niet te snel ja op antwoorden. Een verschil met vroeger is dat de fouten van politici vandaag veel zichtbaarder zijn; ze worden al veel zichtbaarder gemaakt, bij wijze van spreken al op het moment van de verwekking. En het is ook zo dat we met een beperkte voorraad aan politiek talent enorm veel niveaus moeten bemannen. Er vloeide talent af naar het gemeentelijke niveau – terecht – dat elders niet meer bruikbaar is, naar het gewestelijke niveau, richting Europees Parlement, naar de Europese Commissie, naar internationale instellingen, zoals de briljante jurist Serge Brammertz die nu aanklager bij het Joegoslaviëtribunaal in Den Haag is. Ik denk dat we aan de grens van onze mogelijkheden zitten.’

Pleit u daarom voor het laten samenvallen van regionale en federale verkiezingen?

‘Ja. Ook daar spelen de veranderde druk op het systeem een rol. Je kunt het vergelijken met de coach van Anderlecht die in zes topcompetities eerste klas voetballers zou moeten leveren. Dan krijg je natuurlijk ongevallen.’

Jos Bouveroux en Luc Huyse, ‘Het onvoltooide land’, Van Halewyck, Leuven, 214 blz., 17,50 euro.