Naar inhoud

Meer dan alleen maar wanhopig bij elkaar gegriste strohalmen

5 mei 2021 – Tom Zwaenepoel

In De Standaard van 30 april 2021 omschrijft Bart Sturtewagen België als een historisch artefact waarin Vlamingen zich vaak gevangen voelen. Tom Zwaenepoel van ons directiecomité gaat niet akkoord.

Artefact

Dat de huidige Belgische staatsstructuur via nachtelijke kasteelonderhandelingen tot een bestuurlijke draak is uitgegroeid, daar zijn we het intussen allemaal over eens. Dat die staatsstructuur er is gekomen omdat in dit historisch artefact van een land alles communautair is en de Vlamingen er zich in gevangen zouden voelen (Bart Sturtewagen, De Standaard, 30 april 2021), is de werkelijkheid toch een beetje geweld aandoen.

Ten eerste moet iemand toch eens uitleggen wat dat precies is, een historisch artefact in de geschiedenis. Dat impliceert immers dat een staat als België artificieel is. Maar zijn er dan staten die door de natuur geschapen zijn? Natiestaten zoals België zijn producten van de 19e eeuw, en kenden hun nut, bijvoorbeeld in de uitbouw van een gemeenschappelijke sociale zekerheid een eeuw later. Maar in elk geval waren al die natiestaten artificieel, want door de mens geschapen. Reis voor de gelegenheid eens terug in de tijd naar het Nederland van de zeventiende eeuw en ondervraag, middenin de tulpenbubbel, de mensen op straat eens over hun Nederlandse identiteit. Men zou simpelweg niet begrijpen wat u bedoelt. Immers, in die tijd was men Amsterdammer, Rotterdammer, Utrechtenaar,… maar geen Nederlander. Dit terwijl Nederland impliciet toch als “natuurlijker” wordt ervaren dan het communautaire, non-patriottische België. Maar dat patriottisme van de Nederlander is dus wel artificieel. De vraag stelt zich dan natuurlijk of, en zo ja, hoeveel patriottisme nodig is om een land op te bouwen.

Alles communautair ?

Ten tweede kan men betwijfelen of in dit land wel alles zo communautair is. Op het eerste zicht lijkt dat natuurlijk te kloppen, voor wie een blik werpt op de geschiedenis van de staatshervormingen als manier om minder samen te werken. Of op de gesplitste politieke partijen en media. Desondanks blijkt uit verschillende studies dat de kloof tussen Waals en Vlaams minder groot is dan ze lijkt. Zo lijken de politieke opvattingen van Vlamingen en Walen meer op elkaar dan we denken. Immers, het verschil in verkiezingsuitslagen te lande lijkt vooral door een verschillend aanbod van politieke partijen boven en onder de taalgrens te worden verklaard (RepResent consortium, juni 2019). En ondanks de steeds verdere decentralisatie van dit land blijft een meerderheid van de Belgen vasthouden aan een gelaagde identiteit, die zowel Belgisch als regionaal kan (en mag) zijn (Sinardet e.a., Mind the gap. Political participation in Belgium, 2018).

Ten derde is de stelling dat de Vlamingen zich gevangen voelen in het huidige België, toch een beetje van de pot gerukt. Want mocht dat kloppen, dan lijden wij toch wel aan een bijzondere vorm van het Stockholmsyndroom, gezien uit – alweer – studies blijkt dat de meerderheid de Vlamingen (84%), zich kant tegen separatisme (postelectoraal onderzoek, Knack.be, 7 januari 2020). Afgezien van enkele uitzonderingen, zijn dit stabiele cijfers sinds de jaren 1990.

Nood aan een sterkere federale regering

Ten vierde is er het inzicht van de laatste jaren, en dan zeker sinds de coronacrisis, dat een sterke federale regering nodig is om het geheel leefbaar te houden, zelfs indien het zwaartepunt bij de deelstaten ligt. Dat was ooit anders, wie herinnert zich de slogan “wat we zelf doen, doen we beter” nog? Maar inmiddels hebben we geleerd dat het regionale beleid ook behoorlijk wat corona-uitschuivers op de teller heeft staan – en dus niet heilig is, nadat eerder al het verschijnen van vier klimaatministers in Madrid voor tenenkrullende taferelen zorgde.

Ook het mantra dat het zwaartepunt bij de deelstaten moet komen te liggen, is aan slijtage onderhevig. Tot een tiental jaar geleden durfde men het woord herfederaliseringen nauwelijks in de mond te nemen, terwijl dit tegenwoordig bijval vindt in de liberale en de groene partijen, en ook door de socialisten niet wordt afgewezen. Ook de basis van CD&V lust er wel pap van, getuige een twee derde meerderheid die voor stemde op het CD&V partijcongres in Lommel in 2016.

En finaal zijn we akkoord dat met een confederaal model het separatisme wenkt. Iets wat overduidelijk geen maatschappelijk draagvlak kent, ook niet in Vlaanderen.

Een staat die net zo artificieel is als al de rest, een minder grote kloof dan we vreesden, een brede steun voor het behoud van België, een groeiend pleidooi voor herfederaliseringen, een toenemend besef dat een bindende federale overheid noodzakelijk is, en last but not least: een stabiele gelaagde identiteit ondanks alle opsplitsingen en politieke crises.

Mogen we stellen dat we hier meer in handen hebben dan alleen maar wanhopig bij elkaar gegriste strohalmen om van dit land een mooie, werkbare federatie te maken?

Bij B Plus nemen we de handschoen op met ons Pact voor België, ondertekend door vertegenwoordigers van 9 politieke partijen met goedkeuring van hun voorzitters, door de jongerenvoorzitters, en door 65 bekende Belgen. Men doet er goed aan eerst overeenstemming te vinden over een aantal principes, zoals deze in het Pact voor België, alvorens de staatshervorming meer in detail uit te werken.